Ik zeg maar gelijk waar het op staat: Fietsen is anarchie. Men fietst waar dat mogelijk is en is zelf verantwoordelijk. Het stallen van de fiets is eveneens anarchie. Men stalt de fiets waar dat mogelijk is en is zelf verantwoordelijk.
Met dit verfrissende uitgangspunt wil ik welk fietsbeleid dan ook, van welke belangengroepering of politieke stroming dan ook, te lijf. Iedere regel, iedere wet omtrent het gefiets dient omwille van het godszalige gefiets zelf onmiddellijk verworpen te worden.
Waar autorijden en het gebruik van tram of bus onvermijdelijk leidt tot aanpassing, onderdrukking, terreur en zelfs een bedreiging is voor de volksgezondheid (en dan denk ik heus niet alleen aan de afsluiting van De Put en al die Randstadrail-ravage), daar is fietsen een state of mind die nergens mee te vergelijken is. Daar is fietsen een zelfstandige, individuele actie die nooit, u hoort me wel, nooit of te nimmer mag leiden tot aanpassing, interventie of beïnvloeding door derden.
Kruist er een auto uw fietserspad? Houd het initiatief in eigen hand en rijd er omheen. Staat er een licht op rood? Kijk zelf uit je eigen doppen en rijd er doorheen als dat kan. Raakt u betrokken bij een ongeluk? Had u maar niet zo stom moeten zijn en beter moeten uitkijken. Slechte verharding of zelfs gaten in rijwielpaden? Rij er omheen. Helemaal geen rijwielpad? Neem het voetpad. En als zelfs dat er niet is moeten de omstandigheden wel heel bar en boos zijn wil je niet toch kunnen fietsen. En dan nog. In het uiterste geval neem je je fiets op je nek en loop je een eindje. Fietsers laten zich niet foppen.
Niets maar dan ook helemaal niets mag het de fietser in de weg staan. En daarom dienen woordvoerders van politieke partijen, die zelfs het woord fiets maar in de mond durven te nemen, zo spoedig mogelijk te worden gedeporteerd naar de middenberm van een drukke autoweg.
Ik hoor u denken: maar moet de overheid dan helemaal niets doen om het de fietser gemakkelijker te maken? Driewerf nee. Mensen, begrijp het dan toch: Iedere ingreep van hogerhand tast juist de kern van het fietsen zelve aan. Wie een fietshelm wil dragen moet dat zelf maar weten. Wie een reisverzekering afsluit voor iedere fietstocht is minstens zo achterlijk. Nog even en je mag van overheidswege niet meer op het zadel als je geen telefoonnummers van hulpdiensten op zak hebt.
Een voorbeeld: men wil nu langs de Trekvliet een Trekfietstracé. Een zoevend stuk tweebaans asfalt waarop je je met twintigduizend fietsers per dag van A naar B of van B naar A kan begeven. Ziet u het voor u?
Nee, dan liever zoals het nu is. Hotsebotsen over de barsten die de wortels van de bomen in het voetpad hebben veroorzaakt. Heel langzaam gaan rijden en je vriendelijk verontschuldigen als je een voetganger passeert. Even een praatje maken met een visser, die daar nu nog gewoon kan vissen. Stoppen, of met een hele grote boog om die 18 ganzen heenrijden, die daar nu nog langs de Trekvliet wonen. Bij de Laakmolen twee hoge hoeden maken om de Laakhaven heen om nog eens wat meer van de wereld te zien dan tegenliggers. Kortom: zelf doen! Niet voor je laten nadenken. Want de stap van een zoevend, super-de-luxe Trekfietstracé naar het gehandicaptenvervoer dat ze tegenwoordig OV noemen is maar klein.
En dan nog even iets over het stallen van de fiets.
Een fietser dient zijn fiets niet te stallen. Er is geen enkele reden waarom een fietser zijn fiets zou moeten stallen. Bangelijke zeurpieten, ambtenaren en kinderen die dat van hun moeder moeten, stallen hun fiets. Nee. Een fietser met het hart op de juiste plaats zet-zijn-fiets-neer. Zo dicht mogelijk bij waar hij moet zijn. Daar zet hij hem goed op slot aan een solide voorwerp, zoals een hoge paal of een hek. Ikzelf heb nog nooit meegemaakt dat er geen paal of hek stond bij de plek waar ik moest zijn. Ja. Eén keer in mijn leven is mijn fiets gestolen. Maar dat was eigen schuld. Daar kon ik zelfs geen wethouder de schuld van geven.
De conclusie kan er maar één zijn. En dat is, dat wij juist door al die barre fietsomstandigheden leren, dat wij zelf iemand zijn. Dat wij alleen staan in een harde, genadeloze wereld. Fietsen maakt ons weerbaar. Tijdens het fietsen ontdekken wij wie wij werkelijk zijn.
Maar ja. Van mensen die hebben geleerd zichzelf te blijven, ook in barre omstandigheden…. dáár moet de politiek dus niks van hebben.
Liever verzacht en veraangenaamt de politiek het leven van de fietser. Opdat deze een softie wordt. En op den duur niks meer gewend is. Zodat hij zich ten slotte met een helm op en een APK-gekeurde fiets tussen duizenden anderen bibberend en onzeker voort zal gaan bewegen door het verkeer.
Want aan zulk soort fietsers is een hoop geld te verdienen.
En dàt moeten wij, als eenzame, oprechte en onafhankelijke fietsers, dus niet hebben.
Julius Pasgeld
Verslag van het milieucafé van 19 mei 2009