Archive for the ‘Ganzen’ Category

Quote du jour

woensdag, juli 15th, 2009

scooters
De gemeente gaat er van uit dat de ganzen zich zullen aanpassen aan de nieuwe situatie.
Inspraakrapport Trekfietstrace (Trekweg Cromvlietkade) Dienst Stedelijke Ontwikkeling Juni 2009

Zijn ganzen beschermde vogels?

donderdag, juni 4th, 2009

Alle vogels die van nature in het wild voorkomen op het grondgebied van de EU, worden beschermd door de Flora- en faunawet. Vogels die gekweekt of gehouden worden voor agrarisch gebruik of als huisdier, vallen dus niet onder deze bescherming. Vogels zoals de ooievaar, die in Nederland zijn uitgezet in het kader van fokprogramma’s, worden wel beschermd.

Deze bescherming van vogels wordt vormgegeven door schadelijke handelingen te verbieden: verbod op het doden, verwonden, vangen, bemachtigen en met het oog daarop opsporen van vogels (art. 9 Flora- en faunawet); verbod op het opzettelijk verontrusten van vogels (art. 10 Flora- en faunawet); verbod op het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen en verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van vogels (art. 11 Flora- en faunawet); verbod op het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren van vogels (art. 12 Flora- en faunawet).

gans21

Om te bepalen of verjagen en afschieten in strijd is met de bescherming van vogels, wordt er gekeken naar de verbodsbepalingen uit de Flora- en faunawet (artikel 9 tot en met 12). Het verbod op het doden en verwonden van vogels: Het afschieten van ganzen is zeker in strijd met het verbod op het verwonden en doden van vogels. Het verbod op het opzettelijk verontrusten van vogels: Het verjagen van ganzen is zeker in strijd met het verbod op het opzettelijk verontrusten van vogels, vooral gedurende het broedseizoen wanneer vogels extra verstoringsgevoelig zijn. Het ministerie van LNV is niet snel van mening dat er buiten het broedseizoen sprake is van opzettelijk verontrusten mits er zorgvuldig gehandeld wordt. Het verjagen en afschieten van vogels kan echter niet gezien worden als zorgvuldig handelen; het doel van de maatregelen is immers om ganzen te verjagen en te verontrusten. Overigens is het ook belangrijk dat de verjaging geen andere diersoorten verontrust.
http://www.vogelsendewet.nl/

Fietsen

zaterdag, mei 30th, 2009

Ik zeg maar gelijk waar het op staat: Fietsen is anarchie. Men fietst waar dat mogelijk is en is zelf verantwoordelijk. Het stallen van de fiets is eveneens anarchie. Men stalt de fiets waar dat mogelijk is en is zelf verantwoordelijk.

Met dit verfrissende uitgangspunt wil ik welk fietsbeleid dan ook, van welke belangengroepering of politieke stroming dan ook, te lijf. Iedere regel, iedere wet omtrent het gefiets dient omwille van het godszalige gefiets zelf onmiddellijk verworpen te worden.
Waar autorijden en het gebruik van tram of bus onvermijdelijk leidt tot aanpassing, onderdrukking, terreur en zelfs een bedreiging is voor de volksgezondheid (en dan denk ik heus niet alleen aan de afsluiting van De Put en al die Randstadrail-ravage), daar is fietsen een state of mind die nergens mee te vergelijken is. Daar is fietsen een zelfstandige, individuele actie die nooit, u hoort me wel, nooit of te nimmer mag leiden tot aanpassing, interventie of beïnvloeding door derden.

Kruist er een auto uw fietserspad? Houd het initiatief in eigen hand en rijd er omheen. Staat er een licht op rood? Kijk zelf uit je eigen doppen en rijd er doorheen als dat kan. Raakt u betrokken bij een ongeluk? Had u maar niet zo stom moeten zijn en beter moeten uitkijken. Slechte verharding of zelfs gaten in rijwielpaden? Rij er omheen. Helemaal geen rijwielpad? Neem het voetpad. En als zelfs dat er niet is moeten de omstandigheden wel heel bar en boos zijn wil je niet toch kunnen fietsen. En dan nog. In het uiterste geval neem je je fiets op je nek en loop je een eindje. Fietsers laten zich niet foppen.

Niets maar dan ook helemaal niets mag het de fietser in de weg staan. En daarom dienen woordvoerders van politieke partijen, die zelfs het woord fiets maar in de mond durven te nemen, zo spoedig mogelijk te worden gedeporteerd naar de middenberm van een drukke autoweg.
Ik hoor u denken: maar moet de overheid dan helemaal niets doen om het de fietser gemakkelijker te maken? Driewerf nee. Mensen, begrijp het dan toch: Iedere ingreep van hogerhand tast juist de kern van het fietsen zelve aan. Wie een fietshelm wil dragen moet dat zelf maar weten. Wie een reisverzekering afsluit voor iedere fietstocht is minstens zo achterlijk. Nog even en je mag van overheidswege niet meer op het zadel als je geen telefoonnummers van hulpdiensten op zak hebt.

Een voorbeeld: men wil nu langs de Trekvliet een Trekfietstracé. Een zoevend stuk tweebaans asfalt waarop je je met twintigduizend fietsers per dag van A naar B of van B naar A kan begeven. Ziet u het voor u?
Nee, dan liever zoals het nu is. Hotsebotsen over de barsten die de wortels van de bomen in het voetpad hebben veroorzaakt. Heel langzaam gaan rijden en je vriendelijk verontschuldigen als je een voetganger passeert. Even een praatje maken met een visser, die daar nu nog gewoon kan vissen. Stoppen, of met een hele grote boog om die 18 ganzen heenrijden, die daar nu nog langs de Trekvliet wonen. Bij de Laakmolen twee hoge hoeden maken om de Laakhaven heen om nog eens wat meer van de wereld te zien dan tegenliggers. Kortom: zelf doen! Niet voor je laten nadenken. Want de stap van een zoevend, super-de-luxe Trekfietstracé naar het gehandicaptenvervoer dat ze tegenwoordig OV noemen is maar klein.

En dan nog even iets over het stallen van de fiets.
Een fietser dient zijn fiets niet te stallen. Er is geen enkele reden waarom een fietser zijn fiets zou moeten stallen.  Bangelijke zeurpieten, ambtenaren en kinderen die dat van hun moeder moeten, stallen hun fiets. Nee. Een fietser met het hart op de juiste plaats zet-zijn-fiets-neer. Zo dicht mogelijk bij waar hij moet zijn. Daar zet hij hem goed op slot aan een solide voorwerp, zoals een hoge paal of een hek. Ikzelf heb nog nooit meegemaakt dat er geen paal of hek stond bij de plek waar ik moest zijn. Ja. Eén keer in mijn leven is mijn fiets gestolen. Maar dat was eigen schuld. Daar kon ik zelfs geen wethouder de schuld van geven.

De conclusie kan er maar één zijn. En dat is, dat wij juist door al die barre fietsomstandigheden leren, dat wij zelf iemand zijn. Dat wij alleen staan in een harde, genadeloze wereld. Fietsen maakt ons weerbaar. Tijdens het fietsen ontdekken wij wie wij werkelijk zijn.
Maar ja. Van mensen die hebben geleerd zichzelf te blijven, ook in barre omstandigheden…. dáár moet de politiek dus niks van hebben.
Liever verzacht en veraangenaamt de politiek het leven van de fietser. Opdat deze een softie wordt. En op den duur niks meer gewend is. Zodat hij zich ten slotte met een helm op en een APK-gekeurde fiets tussen duizenden anderen bibberend en onzeker voort zal gaan bewegen door het verkeer.
Want aan zulk soort fietsers is een hoop geld te verdienen.

En dàt moeten wij, als eenzame, oprechte en onafhankelijke fietsers, dus niet hebben.

Julius Pasgeld
Verslag van het milieucafé van 19 mei 2009

De ganzen van de Trekvliet

donderdag, mei 28th, 2009

Iedere keer als ik er langs kom stap ik even van mijn fiets. En dan tel ik ze. Voor de zekerheid. Want je weet maar nooit of iemand er een opgegeten heeft. Of er paté van heeft gemaakt. Maar het zijn er nog steeds achttien. Achttien spierwitte ganzen die zich langs de oever van de Trekvliet ter hoogte van de Pompstraat dan weer aan de ene kant van het water ophouden en dan weer aan de andere kant. Al jaren.

Deze keer stonden ze allemaal op een rijtje aan de overkant een beetje mokkend te schuilen voor de regen onder twee grote treurwilgen die vanwege de warmte hadden besloten zelfs begin december hun bladeren nog maar even vast te houden. Ook bij de ganzen bleek het warmterecord een doorslaggevende rol te hebben gespeeld bij de beslissing om hier gezellig te blijven overwinteren in plaats van dat hele roteind naar het zuiden te vliegen.
Die achttien ganzen aan de Trekvliet. Dat vind ik een van de mooiste dingen in Den Haag. Dat komt zonder enige twijfel omdat het stadsbestuur zich er (nog) niet mee bemoeit. En laten we dat in Godsnaam zo houden. Want voor je het weet moet er een kinderboerderij omheen worden gebouwd. Of komt er een verordening die het instandhouden van het Haagse ganzenbestand regelt. Of mag je er alleen nog langs fietsen met een vergunning. Ik noem maar wat.

Als ik de ganzen tegenkom zitten ze vaak op het jaagpad langs de Trekvliet met elkaar te ouwemeuten. Meestal stap ik af en loop ik heel langzaam met de fiets aan de hand door om ze niet te storen. Dat is spannend. Luid gakkend en met de grootste tegenzin staan ze dan op om me door te laten. Sommigen blazen zelfs tegen me: “Chchchc, Chchchc.” Met wijdopengesperde snavel. Dat betekent: “Arrogante klootzak! Zie je niet dat wìj hier zitten? Rot toch op!” Soms ga ik even bij ze in het gras zitten. En dan leg ik geduldig uit dat er niets op tegen is om op het gras te gaan zitten. Maar niet midden op het pad. Het pad is om op te lopen, zeg ik dan, zwaaiend met een gebiedend wijsvingertje. Ja toch? De mensen gaan toch ook niet met z’n allen midden op het pad zitten? Praten met elkaar. Het is waarachtig de enige weg naar wederzijds respect.

Dat vind ik nou zo leuk aan die ganzen. Gewoon een stukje natuur midden in Den Haag dat voor zichzelf opkomt. En zich weet aan te passen als het nodig is. Onlangs maakte ik meedat kinderen uit de aangrenzende Molenwijk die ganzen zaten te pesten. Heel begrijpelijk. Af en toe moeten kinderen ganzen kunnen pesten, vind ik. Anders gaan ze later toch de politiek maar in. En dat zou jammer zijn.
Ik was afgestapt en bekeek de pesterijtjes op een afstand met grote belangstelling. Maar het was heel simpel. Na een paar keer “Chchchc” zagen de ganzen in, dat verdere aanspraak op hun gebied geen zin meer had. Ze begaven zich één voor één te water, roeiden zichzelf naar de overkant alwaar ze onder de treurwilgen geduldig het moment afwachtten dat de kinderen vertrokken. Om vervolgens weer terug te roeien en de afgelopen gebeurtenissen nog eens uitgebreid de revue te laten passeren.

Maar wel weer midden op het pad. Geweldig!

Julius Pasgeld
Haags Nieuwsblad 8 december 2006

Langs de Trekvliet

donderdag, mei 28th, 2009

(In de zomermaanden wandelt Pasgeld iedere week door het minder bekende Den Haag en noteert wat hij ziet. Vandaag loopt hij langs de Trekvliet naar Drievliet en via de Binckhorst weer terug)

Mijn wandeling begint op het Rijswijkseplein. Aan de achterkant van de studentenflat aldaar constateer ik dat er een zeer ruime, speciale afdeling is ingeruimd voor de retournering van lege flessen. De Van Maanenkade loopt onder een prachtige spoorbrug door vol klinknagels, pilaren en stenen ornamenten uit het industriele tijdperk. De wielen van de treinen erboven slijpen zonder uitzondering piepend over de rails. De prachtige woning ‘Steenoord’ uit 1887 contrasteert enorm tussen het glas en beton van de hoge nieuwbouw rondom. Bij de voetgangersboogbrug een honderdtal meters verderop heet het ineens Bontekoekade. Het oorspronkelijke jaagpad langs de Trekvliet voert hier even langs woonschepen, nieuwbouwflats in de sociale sector, speeltuintjes en reigers. Het eind van de Bontekoekade wordt gemarkeerd door een mooi, oud havenkantoortje en biedt uitzicht op autosloperijen aan de overkant van de Trekvliet en een glazen torentje vol met nieuwe Smart-autootjes. Voordat ik verder ga moet ik het even met u hebben over het begrip ‘hoge hoed’. Een hoge hoed is een soort rechthoekige omweg om uiteindelijk de rechte route weer te volgen. Vraag maar aan de HTM. Daar weten ze alles van hoge hoeden sinds de tramtunnel. De eerste hoge hoed die ik moet lopen wordt gevormd door de Goudriaankade, de brug in de Rijswijkseweg over de Laakhaven en de Neherkade. Aan de Goudriaankade haalt een visser net een enorme brasem uit het water. Op de Neherkade scheidt een glazen geluidsscherm de wandelaar van het voorbijrazend verkeer en de foeilelijke Praxis en Konmar. Vlak voor de Trekvlietbrug gaan we rechtsaf om onze weg langs de Vliet te vervolgen. Het genoegen is van korte duur. We moeten via alweer een hoge hoed om de Laakmolen (uit 1699) heen. Alweer langs die afschuwelijke Praxis en Konmar. De gemeente Den Haag lijkt het geen moeite teveel te zijn om een wandeling langs de Trekvliet tot een onaangename gebeurtenis te maken. Een voetgangersbruggetje over de Laak maakt dat ik net niet opnieuw op de Rijswijkseweg terechtkom en via de Laakweg, de Noordpolderkade en de Elboogstraat weer langs het water kan lopen om zodoende enige reigers op te schrikken. In de Molenwijk ligt een hele hoop rotzooi op straat maar langs het water is wat gras, staan wat bankjes en tref ik zowaar een groep van 24 ganzen aan de oever. Op een bankje zitten Vincent (7), Laura (8) en Wesley (7) zich onnoemelijk te vervelen.

Op het drie-stedenpunt waar Den Haag, Rijswijk en Voorburg elkaar ontmoeten vertakt de Trekvliet zich naar de Binckhorsthaven. Het wordt van het ene op het andere moment opvallend groen en gezellig zodat de angst van de randstedelingen voor annexatie op deze plek ineens een stuk begrijpelijk wordt. Park en gelijknamige wijk Cromvliet, het woongebouw De Zwaan en even verderop de wijk Leeuwendaal, het heeft onmiskenbaar wat meer allure. Ik steek de Geestbrug over om aan de andere kant van de Trekvliet de walkant te vervolgen tot aan het kippenbruggetje in het park Hoekenburg tegenover Drievliet. Daartoe loop ik over de Hoekweg waar, zoals de Haagse plannen leren een tweede invalsweg Den Haag straks moet gaan ontsluiten. Gedeeltelijk via een autoweg onder de Trekvliet, gedeeltelijk via het Binckhorsttrace. En dan verder via de achtbanen en de glijbanen van Drievliet naar het nieuwe verkeersknooppunt Drievliet tussen knooppunt Ypenburg en het Prins Clausplein. Geweldig, al die vooruitgang!

Terug naar het Rijswijkseplein zou ik graag langs de andere oever van de Trekvliet willen lopen. Maar dat gaat niet. Teveel hoge hoeden rond prive- en industrieterrein. Dus de Binckhorstlaan maar genomen. Niet dat dat zo’n pretje is. Toch zie ik zo nog eens wat van Den Haag. En leer ik vooral waar dat beton, die auto’s en al die telefoons vandaan komen waar de maatschappij zo mee wordt volgepropt. Bedankt Binckhorst, voor al die prachtige gaven aan de vooruitgang!

Tot overmaat van ramp kost een kop koffie in ‘Grand cafe De Binckhorst’ maar liefst drie gulden. Dat is, zeker gezien de omgeving, heel erg duur. Gelukkig moet ik weer erg lachen om een bronzen standbeeld van Prins Bernhard voor het hoofdkwartier van de Koninklijke Landmacht. En als ik dan zie hoe het op het Trekvlietplein krachtens diverse bordjes is ‘verboden om de weg als werkplaats te gebruiken’ en even later ervaar hoe de bedrijven van De Kok en De Jong&Zn deze tekst interpreteren is mijn plezier weer tot buitengewoon grote hoogte gestegen.

En omdat hier toch van alles gebeurt wat God verboden heeft klim ik stiekum via een schuin oplopend grindpaadje op de spoorbrug over de Van Maanenkade. Het emplacement en de stationsoverkappingen van het Hollandsch Spoor liggen er in de verte onder een waterig zonnetje zeer vertrouwenwekkend bij. Want af en toe is het goed om te weten dat Den Haag een station heeft. Zodat je er zo gauw mogelijk uit kunt vertrekken.

Julius Pasgeld
http://users.bart.nl/~rueb/clmnpasg33.htm